Borgen: kastelen van het hoge noorden

De tuinen van Verhildersum

Het project Groninger Borgen en Tuinen is een samenwerkingsproject van Erfgoedpartners en de borgen. De Verhalen van Groningen was op 10 december 2016 aanwezig tijdens het tuinverhalencafé op Verhildersum en tekende anekdotes en verhalen op.

De tuinen van Verhildersum

De borg Verhildersum. - Foto: Bas Meelker

Het landgoed Verhildersum omvat verschillende terreinen, waaronder een kruidentuin, een paar grote percelen die bij de borgboerderij horen en een arbeidershuisje met bijbehorende nutstuin. Om de borg heen ligt de formele, symmetrisch aangelegde borgtuin, die in 1968 is aangelegd in barokke stijl. Tine Clevering-Meijer, die heel veel voor de borg heeft gedaan, heeft samen met architecte Renske Titia Boon uit Sappemeer de tuin teruggebracht naar een historische inrichting. “Boon was erg bekend in die tijd, zij heeft zeker 60 tuinen in de provincie van een nieuw ‘historisch‘ ontwerp voorzien. De tuin werd heringericht naar historisch voorbeeld met 1300 verschillende oude, lokale, planten- en kruidensoorten. Dit grondplan is nog steeds in de huidige tuin aanwezig, zij het met een kleiner assortiment.” Een tekening van Beckeringh uit ca 1750, die onlangs boven water kwam, toont vrijwel hetzelfde ontwerp, Het is niet duidelijk of Boon deze tekening kende, maar de door haar gemaakte indeling lijkt er wel heel sterk op.

Martin Knol, docent aan AOC Terra in Groningen en kent de geschiedenis van de heraanleg van de tuin. “Boon heeft ook de stinsenplanten teruggebracht in de borgtuin.” Hij verzorgt met zijn leerlingen regelmatig projecten in de tuin van Verhildersum. Zo heeft hij met een groep een pluktuin aangelegd. “De leerlingen hebben eerst onderzoek gedaan naar welke bloemen vroeger gebruikt werden om bloemstukken mee te maken, bijvoorbeeld door naar schilderijen te kijken. Vervolgens hebben ze zelf een tuin aangelegd met deze bloemen. Leerlingen zijn vaak heel gemotiveerd voor dergelijke projecten en ze leren er erg veel van.”

Nutstuin

Hans Kosmeier kwam in 1988 met zijn gezin wonen en werken op Verhildersum. Hij heeft tot 1994 in het Koetshuis gewoond en weet ook veel over de geschiedenis van de borgtuin.

“In 1950 en misschien ook al in 1940 had Verhildersum een echte gebruikstuin. De familie Frima, die op de borg woonde, behaalde met de groentetuin en fruitkassen diverse prijzen bij deelname aan landelijke (nuts)tuinwedstrijden. Ook van voor die tijd zijn gegevens bewaard gebleven die duiden op een flinke gebruikstuin.”

“Toen ik eens op bezoek was bij mevrouw Frima (familie van de laatste bewoners) gaf ze mij een koffertje met belangrijke documenten. Op dat moment durfde ik er niet zo goed in te kijken. Het voelde een beetje raar,” vertelt Kosmeier. “Maar later heb ik dat koffertje toch meegenomen, en daarin vond ik een brief van tuinman K. Werkema van 27 maart 1904, waarin hij verslag doet van alles wat hij gedaan heeft in de tuin. Door deze brief weten we heel veel over wat er toen allemaal groeide en bloeide hier op de borg.”

“Ik wil er van dit jaar eens wat voederbieten verbouwen in plaats van mangelwortels, dat moet beter voer zijn, ze beginnen er allen mee […]
De vruchten in de bakken beginnen nu ook al wat beter te groeien nu wij de zon meer krijgen. Mij dunk[t] de spinazie is met een goeden week klaar en pluksla, ook radijs, wortels, kropsla, bloemkool, bitterkers en waalsche bonen. Alles staat mooi in bakken en ik heb de begoniabollen ook alweer veertien dagen in de bak gehad. Op de koude grond hebben wij wat aardappelen en roode en witte uien gepoot [...]”

K. Werkema, tuinman op Verhildersum, 27 maart 1904

“In het koffertje zat ook een notitieboekje van ‘Dhr. Werkema, kwekerij Verhildersum’. De familie Frima verbouwde allerlei luxeproducten op de borg die verkocht werden op de veiling in de stad.” Er werden onder andere perziken, druiven en peren gekweekt.

“In 1989 hebben we hier weer een kas gebouwd,” vertelt Hans. “Die hebben we elders afgebroken en hier weer opgebouwd. Daarin kweken we nu weer luxe fruitsoorten.”

Nadat familie Frima de borg in 1953 had verkocht aan de gemeente Leens, heeft de tuin dienst gedaan als gemeentekwekerij. Deze raakte echter in onbruik en werd verwaarloosd.

Arbeidershuisje

Kosmeier laat een met de hand getekend plattegrondje zien. “Dit is het arbeidershuisje dat hier staat, met de tuin. Een tijd geleden sprak ik een mevrouw die hier gewoond heeft. Ze was al aardig op leeftijd. Ik heb haar gevraagd of ze de tuin wilde tekenen, zodat we een beetje een beeld hebben van hoe het eruit heeft gezien. In de tuin stonden kruisbessen, frambozen, perenbomen en groente en aardappelen.” Op een kleine schaal was dit arbeidershuisje dus ook redelijk zelfvoorzienend.

Rozentunnel

In de zaal zitten meerdere dames van tuinclub ‘Marnestek’. Janny Kadijk (1952) vertelt dat ze in 1994 met de leden van de club geld hebben ingezameld voor de rozentunnel van Verhildersum. “In totaal hebben we vierduizend gulden opgehaald.” Om dit geld bij elkaar te brengen, verkochten de clubleden onder andere kransen, jam, kruidenazijn, beren van hooi en vetbollen. Ook werden er zaden, stekjes en kalebassen verkocht.

<p>Een deel van de strakke, barokke tuin van Verhildersum vanuit de lucht, met rechts de rozentunnel. - Foto: Verhildersum</p>

Een deel van de strakke, barokke tuin van Verhildersum vanuit de lucht, met rechts de rozentunnel. - Foto: Verhildersum

De heer C.H. Hoorn (1939) kan zich te plaatsing van de rozentunnel nog goed herinneren. Hij woont schuin tegenover de museumboerderij en heeft zich als vrijwilliger veel bezig gehouden met de oude landbouwgereedschappen die daar worden verzameld en getoond. De plaatsing van de rozentunnel heeft hij destijds helemaal op film vastgelegd. “De metalen segmenten zijn in Uithuizen gemaakt en werden hier ter plekke in elkaar gezet.”

Grapjes

Tally Kosmeier (1956) heeft samen met haar man Hans jarenlang op het landgoed gewoond. Ze kan zich tuinman Bertus Bolt nog goed herinneren, die tot circa 1994 op Verhildersum heeft gewerkt. “Hij hield wel van een grapje en hij praatte ook graag met de bezoekers. Dan gaf hij uitleg over alle kruiden die hier groeiden. Ooit vertelde hij eens aan een bezoeker dat we hier levensgevaarlijke planten hadden. Daar moest je niet te lang onder zitten, want dan was je dood. Dat maakte de bezoeker nieuwsgierig natuurlijk, dus die planten wilde hij wel eens zien. Dus Bolt nam hem mee en liet hem de waterlelies zien. ‘Zijn die giftig dan?’ vroeg de bezoeker, waarop Bolt antwoordde ‘Nee, maar als je daar vijf minuten onder zit, dan gaat het niet goed met je.’”

Ook Hans Kosmeier mag graag een grapje maken tegen de bezoekers. “Op de brug lag hier altijd zo’n drenkelingenhaak, en in het water daaronder zwommen heel grote karpers. Mijn vrouw Tally vroeg zich af of die karpers het ook door zouden hebben wanneer je die op een vast tijdstip ging voeren. Dus dat heeft ze een tijdje geprobeerd en dat werkte, want ze aten op den duur zo uit haar hand. Dus toen een van de bezoekers eens vroeg waar die stok met die haak voor was die op de brug lag, zei ik voor de grap dat mijn vrouw daar elke middag om twee duur de karpers doorheen liet springen. Toen ik die man later die middag bij het water zag staan, vroeg hij of het nog lang ging duren, want hij stond al een kwartier te wachten om naar de karpers te kijken.”

Van een andere orde is de mythische ‘visetende kikker’. Ton Koch (1945), die bijna vijfentwintig jaar als borgheer op Verhildersum heeft gewerkt, had op een middag zes jongedames uit Gouda rondgeleid en net afscheid van ze genomen, toen hij gegil en gekrijs hoorde. “Ik zag ze op handen en voeten over de brug kruipen en wijzen naar de gracht. Ik ging erheen en de reden waarom ze zo gilden, was de visetende kikker, een enorm beest van wel 30 centimeter. Jammer genoeg hebben wij deze kikker maar een seizoen gezien.”

<p>Volgens Ton Koch moet de &lsquo;visetende kikker&rsquo; op deze foto te zien zijn&hellip; &ndash; Foto: Ton Koch</p>

Volgens Ton Koch moet de ‘visetende kikker’ op deze foto te zien zijn… – Foto: Ton Koch

Tuinmeubels opvissen

Hilde Bakker herinnert zich een voorval dat goed illustreert hoe de familie Clevering omging met de borg en de toebehoren. “Mijn man, Nico Bakker, werkte eind jaren zeventig als opzichter bij het waterschap Ommelanderzeedijk, waar Ru Clevering voorzitter van was. Op maandagochtend kreeg hij telefoon: of hij (na werktijd) op Verhildersum langs wilde komen en zijn duikpak mee wilde nemen. Mijn man deed aan wadlopen en had een surfpak.”

“De situatie was als volgt. Op het terrein voor de borg stond een witte set tuinmeubilair van gietijzer. Die ochtend was de hele set plotseling verdwenen. Er waren verschillende scenario’s mogelijk: het meubilair kon gestolen zijn, maar het zou ook kunnen dat baldadige jeugd de stoelen in de gracht gekieperd had. Of meneer Bakker zo goed zou willen zijn om in surfpak de gracht te inspecteren om het meubilair te zoeken.”

“Nico, die twee meter lang is, heeft een eveneens lange collega-wadgids gevraagd om hem te helpen. In surfpak en met wadloopstokken zijn ze de gracht ingestapt. Mevrouw Clevering gaf vanaf de brug aanwijzingen. De gracht was zo diep dat ze net hun hoofd boven water konden houden, tussen de waterlelies door.”

“Na een paar keer heen en weer lopen, stuitten ze op een obstakel: de eerste stoel was gevonden! Na een uurtje stond het meubilair weer op de kant, het setje was weer compleet. De mannen moesten met mevrouw Clevering mee de borg in. In de gang bij de keuken konden ze zich omkleden, terwijl mevrouw haar man telefoneerde. ‘Clevering, met mevrouw, je moet dadelijk hier komen, en neem ook een borrel mee. Het meubilair is terecht!’”

“Na enige tijd kwam Clevering de borg binnengestapt met een mandje aan de arm met daarin een stevige Franse cognac en een aantal glazen. Gezeten op het pluche in de borg werd een borrel gedronken op het opgeviste tuinmeubilair.”

Planten

Naar Verhildersum is een tulp vernoemd, de Tulipa Verhildersum. De bijna zwarte tulp werd ontwikkeld en gekweekt door Christian Kolk uit Kloosterburen en werd in oktober 2016 officieel gedoopt op het landgoed. “Ze zijn al uitverkocht!” Er is ook een fuchsia naar Verhildersum vernoemd. Hans: “Ik ben ernaar op zoek en ik hoop hem komen jaar hier in de bloembakken te kunnen zetten.”

De borgtuin van Verhildersum is vanaf 2017 ook overdag gratis te bezoeken. De beheerders en vrijwilligers nodigen bezoekers van harte uit om een wandelingetje te komen maken. “En als u nog verhalen of anekdotes heeft over het landgoed, dan horen we het graag!”

<p>De borg Verhildersum vanuit de lucht. - Foto: Verhildersum</p>

De borg Verhildersum vanuit de lucht. - Foto: Verhildersum