1815-1945

Meubelfabrikant Huizinga van Groningen tot Nice

De meubelen van meubelfabriek 'Nederland' in Groningen waren in het hele land te koop bij de betere wooninrichtingszaken. Mogelijk dat de naam 'Nederland' dan ook niet toevallig is gekozen door oprichter Jacobus Abraham Huizinga, maar dat hij daarmee een ambitie uitsprak: niet alleen de plaatselijke bevolking van het beste meubel willen voorzien, maar heel Nederland. En zelfs verder, de grenzen over.

Meubelfabrikant Huizinga van Groningen tot Nice

Meubelfabriek 'Nederland' aan de Westersingel (links), ca 1900. Foto: www.beeldbankgroningen.nl (1986_6469)

Uit documentatie blijkt dat dat Huizinga zelfs een villa in het Zuid-Franse Nice heeft ingericht. Willem Kramer is een achterkleinzoon van Christiaan Frederik Schor (1857-1919), die in 1894 vanuit Amsterdam naar Groningen vertrok, om daar bij Huizinga als chef-meubelwerkplaats aan het werk te gaan. Deze Christiaan Frederik zette in Amsterdam in de jaren tachtig van de negentiende eeuw een meubelfabriek op. Daarover is verder weinig bekend, behalve dat er in 1893 faillissement werd aangevraagd.

Stagiair

In de familie Schor gaat het verhaal dat hij na het bankroet in dienst is gegaan bij een vroegere stagiaire en vriend van hem, 'die in Groningen een meubelfabriek was begonnen'. Uit de brieven van Jacobus Huizinga die hij tussen 1880 en 1889 aan zijn vader en zusters schreef vanuit zijn verschillende stage/werkplekken, waar hij zich de stiel van meubelmaker eigen maakte, weten we dat hij een aantal keren voor korte en langere tijd ook in Amsterdam is geweest. In de correspondentie – die hiaten bevat – wordt de naam 'Schor' echter nergens genoemd, maar dat wil niet zeggen dat Jacobus daar niet aan het werk/in de leer is geweest. Het valt niet aan te nemen dat er rond die tijd toevallig nog een andere stagiair in Amsterdam actief was, die enige tijd later in de stad Groningen een meubelfabriek begon. Het kan haast niet anders of dit moet Jacobus Huizinga zijn geweest.

<p>Op de foto rechts van Schor zit J.A. Huizinga. - Foto: www.beeldbankgroningen.nl (2138-3419)</p>

Op de foto rechts van Schor zit J.A. Huizinga. - Foto: www.beeldbankgroningen.nl (2138-3419)

Omdat Huizinga in 1894 nog maar amper was begonnen en de meubelfabriek een flinke groei doormaakte – twee jaar eerder was het monumentale fabriekspand aan de Westersingel gebouwd – zal hij behoefte hebben gehad aan niet alleen ervaren meubelmakers, maar ook aan iemand die daaraan leiding kon geven. In Christiaan Frederik Schor vond hij deze man. Geleidelijk aan groeide Schor uit tot de rechterhand van Huizinga. Op de groepsfoto van 1914 zit hij dan ook letterlijk aan de rechterzijde van zijn patroon. Schor overleed op 29 december 1919 plotseling aan een hartfalen. Hij was toen vijfentwintig jaar in dienst bij Huizinga.

Bij Nice

Op 4 oktober 1910 bevindt Schor (die goed Frans en Engels sprak) zich in Saint-Raphaël, nabij Nice. Op briefpapier van de meubelfabriek 'Nederland' schrijft hij aan zijn zoon in Nederlands-Indië over de lange reis vanuit Groningen en over de couleur locale. Schor begeleidt wagons met meubelen van Huizinga, bedoeld voor de inrichting van een villa van het echtpaar Treub. De brief vertelt verder zijn eigen verhaal:

Het is hier een prachtige natuur, steeds warm, alles groen, heerlijk mooie palm, olijf, vijgenbomen enz., die allen op de rotsen groeien. Ook zeer veel bambou boomen vindt men hier. Je leeft hier in hoofdzaak tusschen de Italianen, (ik ben ook in hotel bij een Italiaan) In de mindere buurten stinkt het je alles tegen. Je eet niets dan vreemde kostjes, macaronie, middelandsche zeevisch, vleesch, het lijkt wel van muilezels, die zij als trekdieren hier veel gebruiken. Je krijgt om 1 uur warm eten en om 7 uur weer. Steeds met wijn erbij. Die drink je in Frankrijk trouwens erg goedkoop.
Ik ben hier voor de inrichting van eene villa (l’Hermitage) boven op een berg, voor Hr en mevrouw Treub. Zed […] is gepasseerde Donderdag hier ziek aangekomen en gisteren overleden. Mevrouw wil nu trachten het huis gemeubileerd te verhuuren of te verkoopen. Ik hoop maar zoo spoedig mogelijk tusschen dat Italiaanse gedoe weg te komen. Het bevalt mij hier niets. […]
Ik heb 50 uur vanuit Groningen naar hier gereisd. Ben zondag 25 september om 1.16 uit Gr. vertrokken en arriveerde den 30 Sept. ’s middags hier. […] Enfin nous verrons. Babbelens wat die franschen hier in’t zuiden doen en dan dat marseillaansche taaltje, daar val je gewoonweg van ondersteboven. Nu beste jongen ik hoop je deze brief in de beste gezondheid moogt ontvangen.

Meest hartelijk gegroet van je liefhebbende Vader.

Triest is het te lezen dat de Melchior Treub een dag eerder op 3 oktober aan een malaria-aanval was overleden, nog voordat de meubels goed en wel op hun plaats stonden.

Aanbevolen

Maar waarom liet Melchior Treub wagonladingen meubels overkomen uit het ver weg gelegen Groningen van Huizinga, terwijl die zonder twijfel ook in het nabijgelegen Nice te koop waren? Het antwoord vinden we in een andere brief uit 1910 van Schor die hij aan zijn zoon schreef. Daarin lezen we dat Schor vier jaar eerder aan de zuster van Treub in Bloemendaal een complete Huizinga-inrichting had verkocht. Zij was zeer tevreden met de aankoop en omdat de taal in Frankrijk voor Melchior wellicht een probleem was, liet hij het meubilair bij Huizinga maken.

Rest natuurlijk de intrigerende vraag: waar zijn de meubels gebleven, ruim 115 jaar nadat ze de lange reis naar Zuid-Frankrijk ondernamen? Een gegeven dat alleen al een onderzoek waard is. Zoals elk lijntje naar het verleden zich laat terugrollen tot een eindeloos uitdijende bol.