1914-1989

Het rijke Museum Stad Appingedam

75 jaar geleden, op 30 juli 1942, werd het Gewestelijk Historisch Museum Appingedam opgericht door de prominente Mr. A.T. Vos. Hij wilde voorkomen dat waardevol historisch materiaal uit Appingedam verdween.

Het rijke Museum Stad Appingedam

De kelder van Museum Stad Appingedam, waar de kaarsennissen van het steenhuis en de resten van latere gewelven nog te zien zijn. – Foto: David Woltinge

Mr. A.T. Vos bekleedde vele bestuursfuncties in Appingedam en richtte er onder andere de bibliotheek, de Nutsspaarbank en de hbs op. Hij bezat zoveel functies dat een delegatie uit Den Haag, die op bezoek kwam en langs de diverse bedrijven en instanties werd geleid, overal werd ontvangen door directeur of voorzitter Mr. A.T. Vos, zodat dat zij uitriepen: 'Is er hier nog iemand anders in Appingedam?'

In de oorlog zag de heer Vos dat veel waardevolle goederen richting Duitsland verdwenen. Om de historische stukken van Appingedam daarvoor te behoeden, besloot hij een museum op te richten. Ironisch genoeg spreekt de Deutsche Zeitung in den Niederlanden zijn lof uit over dit initiatief. Eindelijk wordt ook in de provincie de waarde van voorvaderlijk materiaal ingezien! Op 6 mei 1943 meldt dezelfde krant dat het museum een provinciale subsidie van 250 gulden per jaar toegewezen heeft gekregen.

De collectie groeit gestaag, maar wordt pas in de jaren vijftig tentoongesteld. Nu, ten tijde van het vijfenzeventig jarig bestaan, huist het museum, inmiddels omgedoopt tot ‘Museum Stad Appingedam’ in twee historische panden in de binnenstad.

Verankerd in de geschiedenis

De beide panden, waar het museum sinds 1998 zetelt, staan ruggelings tegen elkaar. Het oudste, dat eigendom is van vereniging Hedrick de Keyser, is een steenhuis uit de 13e eeuw, dat in later tijd met een extra vleugel is uitgebreid. De oude vorm van 7 bij 7 meter is nog duidelijk te herkennen. In de kelder, die indertijd de eerste woonlaag vormde, zijn de oorspronkelijke kaarsennissen nog te zien. Later zijn er gewelven voor een vloer aangelegd die ook weer deels zijn afgebroken. De oorspronkelijke buitenmuur is in de grote zaal van de ‘nieuwbouw’ in het zicht gelaten. Het andere pand, de entree van het museum, is een 19e-eeuwse patriciërswoning. 'We zitten hier dus letterlijk verankerd in de geschiedenis van Appingedam. Dat vind ik wel een heel belangrijk element van dit museum,' zegt directeur Cynthia Heinen enthousiast.

Van de Middeleeuwen tot nu

Het steenhuis is niet het enige in Appingedam. 'Er moeten zo’n zeventig van dit soort stenen huizen in het centrum van Appingedam gestaan hebben,' zegt Heinen. 'Het middeleeuwse stratenpatroon is nagenoeg hetzelfde gebleven, dat kan je op oude kaarten ook nog duidelijk zien. In veel steden moest later alles worden verbreed en doorgebroken, maar hier in Appingedam is de schaal behouden gebleven. Er is om het centrum heen gebouwd. Als je goed kijkt, zie je overal bouwfragmenten van vroeger tijden terug.' Zo ook in het pand van het museum, waar van alle eeuwen wel sporen zijn terug te vinden: in de bouw, de zeventiende-eeuwse stijlkamer, de grote zaal met de oude waag, de heksenzolder voor kinderfeestjes onder de eeuwenoude gebinten, de kelder van de koperslager en in de wisselexposities.

Collectie

'In het jubileumjaar 2017 gaan we voor de wisselexposities aandacht besteden aan de deelcollecties, die heel interessant zijn. Daarvan is de kledingcollectie heel bijzonder en daarmee hebben we dan ook een jubileumtentoonstelling samengesteld. De collectie is heel uitgebreid en bevat ook heel bijzondere kledingstukken. Daar kun je ook aan zien dat Appingedam toch echt wel een stad is (de stadsrechten werden in 1327 toegekend). Met name onze negentiende-eeuwse kleding is heel rijk en chic voor dit gebied. Die verschilt duidelijk met die van de dorpen in de omgeving. Het is interessant om te zien wat hier en elders bewaard is gebleven. Dat is ook het zwaartepunt in onze hele collectie. In de komende exposities en activiteiten zullen we dat gedurende dit jubileum ook tot uiting laten komen.'