Verhalen uit de regio

1945-1989

Sterenberg: zijn tijd ver vooruit

In het midden van de vorige eeuw huurt de jonge architect Jan Sterenberg een gedeelte van het oude postkantoor in Ter Apel. Een stap voorwaarts naar een succesvol ontwerpbureau met landelijke bekendheid.

Sterenberg: zijn tijd ver vooruit

Zijn gezin woont in die tijd nog in een huis aan de Havenstraat. Als de ruimte in het postkantoor op de hoek Viaductstraat Hoofdstraat te krap wordt, verhuist het bureau naar een pand aan de Vijverstraat, deels kantoor, deels woonhuis, maar erg duidelijk is die scheiding niet altijd. Dat blijkt uit de ironische beschrijving van één van de dochters over haar thuis: 'onverklaarbaar bewoonde woning'. Regelmatig wordt er weer een stuk aan- of bijgebouwd voor het snel groeiende architectenbureau en er moet zelfs uitgeweken worden naar dependances, zoals aan de Bentlagestraat en de Markt.

In zijn beginperiode ontwerpt Jan Sterenberg vooral moderne bungalows in de regio. Maar in de jaren '60, als in heel Nederland de nieuwbouwwijken uit de grond schieten, verlegt hij zijn inzet naar het ontwerpen van grotere woningbouwprojecten en de stedenbouwkundige planning daarvan. Hij levert de blauwdrukken voor de Emmense wijken Emmermeer, Angelslo en Emmerhout; functionele sobere architectuur, meestal met platte daken, in een ruime, groene omgeving. Hier ontstaat de term woonerf.
Sterenberg is één van de eerste architecten die echt luistert naar de toekomstige bewoners en is daarmee zijn tijd ver vooruit. Hij organiseert praatgroepen en verwerkt de voorstellen daadwerkelijk in zijn plannen. Al snel volgen projecten in Lelystad, Zoetermeer, Zwolle en Den Bosch.

'Sterenbergers'

Begin jaren '70 zijn er 70 werknemers in dienst. Jan Sterenberg stimuleert iedereen om in Ter Apel te komen wonen. Door hulp te verlenen bij het vinden van woonruimte en door geen reiskostenvergoeding te verlenen aan wie buiten Ter Apel blijft wonen. Bekende straten met een hoog 'Sterenberggehalte' zijn de Dr. Poolmanstraat, Dr. Bekenkampstraat en Ruitenkamp. De middenstand is wel blij met deze import-Ter Apelers; vooral de winkels met wat luxere waren zien hun omzet stijgen.
De 'Sterenbergers' nemen ook zitting in verenigingsbesturen, oudercommissies, jeugdwerk en de VVV. Een boost en een frisse wind, al voelen sommige oorspronkelijke inwoners, wat minder assertief, zich wat overvleugeld. Om hotel Boschhuis voor sloop te behoeden, koopt Sterenberg, samen met drie vrienden, de 'Commandeurs', het vervallen pand. Zo blijft dit pareltje voor Ter Apel behouden.

Binnen de kantoormuren heerst geen hiërarchie; men is één grote familie. Er is een grote vrijheid om welke politieke stroming dan ook aan te hangen, terwijl Sterenberg zelf bekendstaat als een 'linkse' VVD'er. Het vakantiehuisje op Schiermonnikoog is beschikbaar voor werknemers, tegen een vergoeding van 25 gulden voor gas en licht. Sterenberg stimuleert cultuurbeleving. Hij betaalt mee aan schouwburgkaartjes en organiseert reisjes, bijvoorbeeld naar Berlijn, om daar de architectuur te gaan bekijken. Hij koopt een leegstaande boerderij aan de Sellingerstraat, als vergaderlocatie, maar ook als trefpunt voor de kinderen van de jonge werknemersgezinnen. Er kan gekleid worden, er zijn spelletjesmiddagen en de jaarlijkse sinterklaasviering is een hoogtepunt. De Boerderij wordt tevens gebruikt voor tentoonstellingen en ook voor het Klooster weet hij spraakmakende exposities te regelen, onder andere van Henk Helmantel en Käthe Kollwitz.

Tot in de hemel

In 1977 wordt Jan Sterenberg benoemd tot hoogleraar seriematige woningbouw aan de Technische Universiteit van Delft. Dezelfde universiteit waar hij in de jaren '40 zelf gestudeerd heeft. Deze aanstelling heeft hij ongetwijfeld te danken aan zijn ontwerp voor de stadswijk Lewenborg in Groningen, waarmee hij landelijk grote indruk maakt. In dezelfde tijd realiseert hij een groot en modern nieuw kantoor aan het Ruiten A Kanaal Noord. Midden in de natuur, met grote open ruimtes en verschillende niveaus. Eindelijk al zijn werknemers onder één dak en niet meer verdeeld over verschillende locaties. De vergunning wordt, vanwege de bijzondere locatie, niet zomaar verleend door de gemeente, maar bij het dreigement om zijn bureau dan naar Zwolle te verplaatsen, kiezen de bestuurders eieren voor hun geld. In 1978 kan minister Van Ardennen het paradepaardje van Sterenberg openen.
De bomen lijken tot in de hemel te groeien en er werken 120 werknemers in het nieuwe gebouw. Dan komt in 1979 de oliecrisis en de huizenmarkt stort in.

Het faillissement van het architecten- en ingenieursbureau Sterenberg volgt in 1983. Werknemers moeten op zoek naar een andere baan. Velen blijven in Ter Apel. Ook Jan Sterenberg zelf blijft het dorp trouw. Na zijn pensionering zet hij zich jarenlang in voor Museum Klooster Ter Apel en de nieuwe westvleugel komt er mede dankzij zijn inzet. Geheel terecht dat een tentoonstelling over zijn werk en leven juist in Klooster Ter Apel gestalte krijgt.

Op 16 februari 2018 haalden oud-medewerkers, familieleden en bekenden tijdens een verhalencafé herinneringen op aan Jan Sterenberg. Kijk voor het verslag van deze bijeenkomst op www.deverhalenvangroningen.nl/verhalencafe-sterenberg.