1815-1945

'J.A. Huizinga: meubelfabrikant alhier'

We schrijven het jaar 1915. Aan de Westersingel in hartje stad Groningen is het in de 'Meubelfabriek Nederland' van Jacobus Abraham Huizinga (1861-1937) een en al bedrijvigheid. Van alle kanten klinkt het geklop en gezaag van de tientallen werknemers die druk bezig zijn de meubels te vervaardigen waarmee de fabriek sinds haar oprichting een onweerlegbare reputatie heeft opgebouwd. De eigentijdse ontwerpen zijn zeer in trek en te koop bij de betere woninginrichtingszaken in heel Nederland. 

'J.A. Huizinga: meubelfabrikant alhier'
Arbeiders aan het werk in meubelfabriek 'Nederland' aan de Groningse Westersingel. - Foto: Archief Stichting Huizinga Meubel Nederland i.o.

Goed honderd jaar later is de faam van de 'Nederland' echter geheel verdampt en vindt de naam 'Huizinga' alleen nog weerklank bij een handvol kenners en liefhebbers. Sic transit gloria mundi: alle roem is vergankelijk.

Meubels met naam

Veel -zo niet de meeste- meubels die in de periode dat ook Huizinga actief was zijn gemaakt, zijn in anonimiteit vervaardigd en alleen stijlvergelijkingen kunnen soms een hint geven over de authenticiteit van de herkomst. Voor veel meubelmakers gold, dat ze zich richtten op de lokale en regionale markt en geen ambities koesterden die markt in de breedte uit te breiden.  

Huizinga vormt hierop een uitzondering. Uit correspondentie met zijn vader en zusters in de jaren dat hij op studiereizen was in Nederland, België en Frankrijk (1880-1889), spreekt hij regelmatig over zijn ambities om het later als meubelfabrikant te gaan maken. Aanvankelijk legt hij zich toe op het zelf beoefenen van het meubelmakersvak, maar gaandeweg ziet hij voor zichzelf een toekomst als meubelfabrikant weggelegd. Wanneer hij dan ook op 30 januari 1890 zijn eerste fabriek opent aan de Singelweg in Groningen, merkt hij zijn meubelen. Nog niet met een plaatje, maar met een sleutel. In één zijde van die sleutel is de tekst 'J.A. Huizinga Groningen' gegraveerd.  

Wereldtentoonstelling

In 1892 heeft Huizinga al 23 werknemers in het bedrijf, waaronder naast meubelmakers ook behangers en stoffeerders. Elf jaar later – ten tijde van de Groningse Wereldtentoonstelling waar Huizinga zijn inzending van een studeerkamer met ontwerpen van Anton Sanders en Arnold Kort met goud bekroond ziet worden - zijn er in de fabriek ruim honderd man aan het werk, op de afdelingen voor onder andere meubelmaken, behangerij, batikken, borduurwerk, gordijnen en bedden.  

Nieuwe Kunst

Meubelfabriek Nederland ontwerpt en vervaardigt meubels in de sobere, rationalistische vormgeving van de Nieuwe Kunst, die gepropageerd werd door met name Berlage en diens geestverwanten. Belangrijke ontwerpers voor de fabriek waren Anton Johan Sanders (1869-1909) en Arnold Willem Kort (1881-1972) en incidenteel zouden ook W. Penaat en H.W. Mol ontwerpen voor Huizinga hebben gemaakt. In de jaren twintig voerde Huizinga enkele meubelen uit naar ontwerp van leden van de Groningse kunstenaarsvereniging De Ploeg en van de architect A.R. Wittop-Koning en in de jaren dertig naar ontwerp van P. Bromberg.

1
Stoel in art nouveaustijl, ca. 1900.
1
Promotie-ansichtkaart toonzaal, 1905.
1
Salontafel, ca. 1920.
1
Theetafel, ca. 1920.
1
Advertentie uit 1933.

Complete woninginrichting

Bij de meubelfabriek 'Nederland' kon men terecht voor een complete woninginrichting en in de toonzalen in de fabriek aan de Westersingel – in 1904 werd een nieuwe showroom in Jugendstil gebouwd aan de Blekerstraat door Anton Sanders - werden naast de eigen producten van Huizinga ook meubelen van ’t Binnenhuis en De Woning (onder andere van Mol en Penaat) verkocht, glas en koperwerk van Jan Eissenloeffel, keramiek van Amstelhoek en De Distel, tapijten van Bouwens en Colenbrander, borduurwerk van Van Reesema & Nierstrasz, aardewerk van Willem Brouwer en Van der Hoef en batikwerk van Jessurun de Mesquita.

Huizinga & Rodenberg

Een jaar na het overlijden van Jacobus Huizinga in 1937 worden de fabriek aan de Westersingel en de toonzalen aan de Blekerstraat afgestoten en verkocht. In datzelfde jaar wordt het pand van de voormalige Waalse Kerk aan de Vismarkt aangekocht om verbouwd te worden tot winkel, toonzalen, magazijnen en kantoren van de 'Nederland'. In 1955 fuseert Huizinga met de firma Rodenberg en heet vanaf dan 'Huizinga & Rodenberg'. Na de overname in 1971/72 door Pander verdwijnt de naam Huizinga & Rodenberg van de gevel. In 1984 gaat Pander met alle filialen failliet en neemt Hero Bolwijn jr. de vestiging in Groningen over en herdoopt haar 'Huizinga & Rodenberg'.

Verloop

De winkel aan de Vismarkt heeft tot 1999 een florerend bestaan. Daarna wordt ze verkocht aan mevrouw E.L. Noordhof-Niezen en komt er een einde aan Huizinga & Rodenberg in de stad Groningen: de winkel verhuist naar Haren. Daar bestaat ze tot aan het faillissement in 2005 onder de vertrouwde naam. De firma Patberg uit Groningen neemt uit het faillissement alleen de meubelstoffeerderij en de naam over. Sinds 1 januari 2014 is de meubelstoffeerderij aan de Weeshuisgang in Groningen gevestigd met alleen een atelier en onder de naam Patberg. De naam Huizinga & Rodenberg prijkt slechts bescheiden en zonder feitelijke betekenis op de bedrijfswagen.

Dit verhaal is een bijdrage van het Veenkoloniaal Museum.

De Vismarkt met links Pander/Huizinga, 1974. - Foto: M.A. Douma, www.beeldbankgroningen.nl ( 818-4888)
De Vismarkt met links Pander/Huizinga, 1974. - Foto: M.A. Douma, www.beeldbankgroningen.nl ( 818-4888)