1914-1945

Volksziekte nummer één

In Openluchtmuseum Het Hoogeland in Warffum staat sinds april 2016 een blinkend wit tbc-huisje te pronken. Toen het tweede afgedankte exemplaar, dat als tuinhuisje in gebruik was, aan het museum werd geschonken, hebben stagiairs en personeel van het museum de twee samengevoegd tot één werkend geheel, dat nu een belangrijk onderwerp in de geschiedenis vertegenwoordigt: de gezondheidszorg.

Volksziekte nummer één

Het Tbc-huisje in Openluchtmuseum Het Hoogeland in Warffum. - Foto: Stijn van Genuchten

Tuberculose (tbc, tb, tering, witte pest) is een eeuwenoude, veelal dodelijke, infectieziekte waarvan men vroeger dacht dat hij erfelijk was, doordat veel gevallen binnen één gezin voorkwamen. Pas in 1882 ontdekte Robert Koch dat deze longziekte een bacteriële infectie was, die werd verspreid door de hoestbuien van de patiënten. Tbc heeft in de loop der eeuwen enorme aantallen slachtoffers geëist. Rond 1900 stierven er in Nederlands jaarlijks zeker tienduizend mensen aan tbc. Daar is door betere voeding, kuren in de openlucht in sanatoria (wat door wetenschappers tegenwoordig wel betwijfeld wordt) en de komst van penicilline in 1928 wel wat verbetering in gebracht, maar doordat afdoende medicatie pas ruim na de Tweede Wereldoorlog op gang kwam, bleef het een gevreesde ziekte.

In Nederland leek het erop dat we dankzij vaccinatieprogramma’s van de tuberculose verlost zouden zijn, maar doordat we steeds meer reizen en verhuizen, treedt de ziekte weer vaker op met nieuwe varianten en resistenties. Het is wereldwijd nog steeds volksziekte nummer één. Beatrixoord in Haren, ooit opgericht als sanatorium, is daarom in samenwerking met het UMCG onlangs geheel verbouwd en op nieuw uitgerust tot hypermodern expertisecentrum waar ernstig zieke patiënten van heinde en ver naartoe worden gebracht.

In sanatoria heerste en streng regime van absolute bedrust, reinheid, regelmaat en vooral frisse lucht. Een voormalig patiënt herinnert zich dat de ramen altijd openstonden: ”Soms lag de sneeuw op het voeteneind van de bedden.” Sanatoria waren echter vaak te duur voor arme patiënten, en familiebezoek was moeilijk. Daar werd wat op gevonden: het tbc-huisje. Een inwoonster van Warffum vertelt: “Toen ik geboren werd, lag mijn vader ook in zo’n huisje. Hij is ook in het sanatorium geweest, maar dat was voor mijn moeder geen doen. Je had niks, geen auto of wat dan ook. En ik was toen een baby. Dus toen is er zo’n tbc-huisje gekomen.”

Tbc-huisje

De enige remedie die van oudsher bekend was: haal de patiënt uit zijn donkere, vochtige huis, geef hem goede voeding en frisse lucht. De zieke werd verplaatst naar een tbc-huisje, een klein houten huisje met veel glas en grote deuren, die altijd open stonden. Het huisje stond op een draaischijf zodat het met de zon kon worden meegedraaid en de patiënt uit de wind bleef. De zieke lag dag en nacht, zomer en winter in zijn kleine huisje, dat kon maanden, maar ook jaren duren. Eén keer per dag kwam een zuster langs voor de medische verzorging en de familie deed de rest.

<p>Het interieur van het tbc-huisje in Openluchtmuseum Het Hoogeland, compleet met Nieuwsblad van het Noorden uit 1914. - Foto: Stijn van Genuchten</p>

Het interieur van het tbc-huisje in Openluchtmuseum Het Hoogeland, compleet met Nieuwsblad van het Noorden uit 1914. - Foto: Stijn van Genuchten

Je kon zo’n huisje kopen, maar ze konden ook (als bouwpakket) worden geleend bij de kruisvereniging. Meestal stonden ze bij de patiënt of bij familie in de tuin, zodat de familie een deel van de verzorging op zich kon nemen. Tbc-huisjes waren meestal wit; een Harense vertelt: “Ja, ik kan me dat nog goed herinneren, overal zag je in tuinen en bij boerderijen van die witte huisjes staan, dat was heel gewoon.”

Warffum

Het Groene Kruis in Warffum schafte in 1910 het eerste Groene Huisje aan (het was inderdaad groen en niet wit) en later kwamen er meer. Maar al voor die tijd had Warffum goede voorzieningen. Waar nu het doorgaande verkeer over de Juffer Marthastraat raast, stond vanaf rond 1880, ten noorden van de joodse begraafplaats, een ziekenhuis voor patiënten met besmettelijke ziekten. Dit is tot 1916 als zodanig in gebruik geweest, daarna zijn er Belgische oorlogsvluchtelingen in gehuisvest. Het heeft het veld moeten ruimen toen in 1937 de Juffer Marthastraat werd aangelegd. De tbc-huisjes hebben de functie voor de tuberculosepatiënten overgenomen. Door de komst van goede medicatie zijn ook deze overbodig geworden en her en der in gebruik genomen als tuinhuisje.

Het lighuisje voor tuberculosepatiënten uit de eerste helft 20e eeuw is te zien in Openluchtmuseum Het Hoogeland. Kijk voor meer informatie en openingstijden op www.hethoogeland.com

Het Tbc-huisje in Openluchtmuseum Het Hoogeland in Warffum. - Foto: Stijn van Genuchten
Het Tbc-huisje in Openluchtmuseum Het Hoogeland in Warffum. - Foto: Stijn van Genuchten