De canon van Groningen

1815-1945

Groninger Boegbeeld 36: Johan Huizinga

Cultuurhistoricus

Neerlands bekendste historicus, schrijver van het nog steeds herdrukte Herfsttij der Middeleeuwen (1919), wordt geboren in Groningen (1872-1945). Hij studeert er Nederlandse en Oosterse letteren, om vervolgens te Leipzig studies te volgen in ondermeer Indogermaans en Sanskriet.

Na zijn terugkeer in Groningen promoveert hij op een onderwerp van het Sanskriet. Na geschiedenisleraar te Haarlem en privaatdocent aan de Universiteit van Amsterdam te zijn geweest, wordt hij in 1905 hoogleraar geschiedenis aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij ontwikkelt zich tot een veelzijdig cultuurhistoricus van internationaal formaat.

In 1915 wordt hij hoogleraar algemene geschiedenis te Leiden, waar hij Herfsttij schrijft, een uiteenzetting van het laatmiddeleeuwse Frans-Bourgondische leven in al zijn volheid. Het idee voor het werk zou hij hebben gekregen tijdens een wandeling langs het Damsterdiep. Huizinga blijft zich bovenal Groninger voelen, bestudeert Groninger onderwerpen, zoals het oudste patriciaat in de Stad, en publiceert daarover.