1815-heden

Als Pekela de opbrengst van zijn delfstoffen in eigen zak had mogen steken

De gemeente Pekela staat al jaren in de top tien als het gaat om de armste gemeenten van Nederland. Misschien op dit moment wel in de top drie. Sociale omstandigheden als hoge werkloosheid, laaggeletterdheid en het ontbreken van een sterk bedrijfsleven zijn enkele van de oorzaken. De gemeente is veel geld kwijt aan uitkeringen en aan maatschappelijk ondersteunende en hulpverlenende instanties. Veel gezinnen zijn aangewezen op de bijstand. Dat beperkt in hoge mate hun patroon van uitgaven. De plaatselijke voedselbank krijgt steeds meer klanten. Maar hoe had de financiële vlag er bij gehangen als Pekela de verdiensten van zijn bodemschatten of een deel daarvan in eigen zak had mogen steken? De opbrengsten van de delfstoffen die er werden en nog steeds worden gewonnen. ,,Dan hadden we hier net als de rijke inwoners van olielanden als Koeweit kunnen leven”, aldus een zuchtende, voormalig bestuurder van de gemeente. Met andere woorden; dan was er ook nu nog geld zat geweest.

Als Pekela de opbrengst van zijn delfstoffen in eigen zak had mogen steken

Zandzuigbedrijf 'Het Noorden', Nieuwe Pekela, www.beeldbankgroningen.nl (1986-13789)

Turf, zout, zand en gas

De meeste inwoners staan er in het dagelijkse leven niet bij stil hoe rijk de ondergrond van Pekela wel is. Laat staan dat ze kennis hebben van de financiële waarde ervan. Het gaat om vier delfstoffen, waarvan turf de meest bekende is. Het is echter een bodemschat uit het verleden en de exploitatie is al geruime tijd gestopt. Maar wat te denken van het huidige zand, het zout en het gas. Deze stoffen worden nog dagelijks uit de Pekelder ondergrond naar boven gehaald. De waarde bedraagt vele miljoenen euro’s. Maar die vloeien niet in de kas van de gemeente. Ook niet voor een (heel) klein deel. Ze gaan naar ondernemers en de Nederlandse staat. Pekela toucheert slechts de ozb heffing die rust op de installaties en de gebouwen van de exploitanten.

De stad

Het stadsbestuur van Groningen pakte gedurende de eeuwenlange afgravingen samen met de verveners alle revenuen van de turf. De pacht van de gronden aan ondernemers als Feico Clock, de bruggelden vanwege het transport, belastingen en accijnzen.  Ook de latere pachtgelden van de boeren die zich er vestigden leverden Groningen zeer forse bedragen op. De kosten die de stad moest maken, voor bijvoorbeeld de aanleg van een infrastructuur, stonden in geen verhouding tot de winsten. Nederzettingen waar turf werd gewonnen kregen niets. In tegendeel. Het stadsvuil en de uitwerpselen van de Groninger stedelingen dienden als retourvracht voor de turfschepen. Letterlijk stank voor dank. Slechts een karig loon werd betaald aan de arbeiders, veentrappers en turfstekers, die dagelijks zwaar aan de bak moesten. 

Grootste landbouwer van Pekela

Het zandwinning- en transportbedrijf Van der Velde in Nieuwe Pekela wordt schertsenderwijs wel eens de grootste landbouwer in de gemeente genoemd. De eigenaren bezitten namelijk grote arealen landbouwgrond. Daarop worden nu nog de bekende akkerbouwproducten als aardappelen, bieten, mais en graan verbouwd. In de toekomst wil het bedrijf onder de wuivende koren- en bloeiende aardappelvelden evenwel zand winnen. Dat zit er in zeer grote hoeveelheden. Van der Velde bezit in Pekela twee omvangrijke zandputten. Het bekende Heeresmeer en Kruiselwerk, dat voor een deel in de gemeente Stadskanaal ligt. Op laatst genoemde locatie wordt zand gewonnen van uitzonderlijk goede kwaliteit. Het wordt gebruikt in onder anderen laboratoria en in de diamantindustrie en gaat de hele wereld over. Kruiselwerk werd in het verleden overgenomen van Zandwinning het Noorden. Heeresveld, waar voornamelijk ophoog- en zand voor de wegenbouw wordt gewonnen, werd halverwege de vorige eeuw door aankoop verworven van de toenmalige ondernemer Heeres. Met de gemeente werd overeengekomen dat Van der Velde tijdens en na de winning het gebied zou inrichten en beplanten. Voor het zand hoefde niet worden betaald.

Zout en gas

En zo is het ook gegaan met het zout en het gas dat in de ondergrond van de gemeente zit. De Pekelder gasbel die in verbinding staat met het veldje onder Blijham is op dit moment bijna leeg. Van de opbrengst is echter geen cent in de portemonnee van de gemeente terecht gekomen. Het zeer waardevolle en tevens geneeskrachtige zout in de cavernes onder Pekela en Veendam heeft deze gemeentes evenmin iets opgeleverd. Akzo en andere bedrijven mochten de zoutputten exploiteren en de winsten, uiteraard na afdracht van belasting en betalingen voor de concessies houden.  

Schatrijk

Pekela was een zeer rijke gemeente geweest als ze van al haar bodemschatten slechts een half procent had mogen houden. De realiteit is echter anders. Bij wet is bepaald dat, anders dan in bijvoorbeeld het Amerikaanse Texas, de delfstoffen in de Nederlandse bodem tot de Staat behoren. Mede daardoor viste de provincie Limburg met zijn rijke kolenmijnen in het verleden al achter het financiële net en wordt ook de provincie Groningen met zijn gigantische voorraden aardgas door velen als een (bijna) niets ontvangend wingewest beschouwd. Als Pekela het geld van zijn bodemschatten toch eens in eigen zak had kunnen steken, ja dan…