1914-heden

Tanja, een aangrijpend oorlogsverhaal

Het was in het jaar 2004 dat ik mevrouw Tanja Veen-Penchiena ontmoette. Zij was kandidaat om in mijn radioprogramma ,,De tweede helft” over haar leven te komen vertellen. Ik had gehoord dat ze Russische was en dat ze getrouwd was geweest met Rieko Veen, geboren in Oude Pekela en dat ze al jaren in Winschoten woonde. Haar man was overleden. Ik wist ook dat haar zoon, Sietze, een van de eerste profvoetballers uit Winschoten was en haar kleinzoon Stephan Veen aanvoerder was van het Nederlands hockeyelftal dat olympisch kampioen was geworden. Jan Mulder was een huisvriend van de familie.

Tanja vertelde haar verhaal in het programma en het was zo aangrijpend, gewelddadig en tegelijkertijd zo mooi en boeiend dat ik haar heb gevraagd of ik er een boek over mocht schrijven. Het werd een succes. Ruim twintigduizend exemplaren gingen over de toonbank en Jan Mulder schreef het voorwoord en zijn eerste zin was: "Ik ben nog steeds niet bekomen van het lezen van de eerste druk van Tanja. Waarom wist ik dit niet?”

Buitenlands accent

Tanja en haar man hadden hun kinderen nooit iets verteld van hun oorlogsverleden. Pas toen de kleinkinderen vroegen waarom oma Nederlands sprak met een buitenlands accent, vertelde ze er iets over. Op hun trouwdag hadden Rieko en zij elkaar beloofd hun kinderen geen deelgenoot te maken van hun oorlogsellende.

Ostarbeiter

Tanja werd geboren in Koersk in de Sovjet-Unie. Als 17-jarige werd ze opgeroepen om als 'Ostarbeiter' te gaan werken in Duitsland. Ook haar vriendin Lydia kreeg die oproep. In veewagens werden ze naar Auschwitz vervoerd waar ze door dokter Mengele werden gekeurd en 'naar rechts' werden verwezen. Na een kort verblijf in het kamp werden ze wederom op transport gesteld en via Berlijn, waar ze in een verschrikkelijk bombardement terecht kwamen, arriveerden ze in Bremen. Ze werd tewerkgesteld in de aardappelkeuken van de Wezer Flugzeugbau. Door bemiddeling van een Duitse vrouw, wiens man ingekwartierd was geweest in het huis van Tanja’s ouders in Koersk, werd ze samen met haar vriendin geplaatst in de keuken van de fabriek.

Men noemde haar 'blonde Tanja' en ze kreeg opdracht om bij bombardementen op de fabriek de doden te identificeren. Ze trad ook op als vertaler van het Russisch en Pools en op een zeker moment leerde ze de Nederlander Rieko Veen kennen die te werk was gesteld als administrateur op de fabriek. Er bloeide een liefde op. Na heel veel ellende beleefden ze debevrijding in Osnabrück. Lopend gingen ze richting Nederland en via Winterswijk, Hoogeveen, Rolde en Veendam kwamen ze op geleende fietsen aan in Oude Pekela.

IJzeren Gordijn

Het verhaal van Tanja begint op 22 juni 1942 en eindigt op 22 juni 1945, de trouwdag van Tanja en Rieko. Op 4 november 1961 zag ze haar ouders terug. Het IJzeren Gordijn zorgde ervoor dat ze, zonder Russisch paspoort, dat was haar afgenomen in het kamp, haar vaderland weer mocht bezoeken. Haar ouders leefden nog.

Tanja sprak goed Gronings, maar duidelijk was te horen dat ze niet geboren was in ons land. Nederland en zeker Groningen was haar heel lief. Ze deed veel aan oudereneducatie en zong jarenlang in een dameskoor in Winschoten. Een vrouw die ik mijn leven lang niet zal vergeten. Tanja overleed op 29 mei 2009.