Onderweg

1815-1945

Overwintering op Baffin Eiland

Wat zal er allemaal door het hoofd gegaan zijn van de jonge zeemansvrouw Hanna Brongers, op het moment dat ze begon te lezen? Een brief, een levensteken van haar man, van wie ze inmiddels dacht dat hij op zee gebleven was.

Overwintering op Baffin Eiland
Post uit elke haven. - Foto: Cora Westerink

'Eindelijk na een zware tijd voor ons allen hier ben ik weer in de gelegenheid om eenige letteren tot u te richten om te beginnen Hanna kan ik u mededelen dat we onze schuit de 26 September hier niet ver af in het ijs verloren hebben maar gelukkig zijn wij allen gered.'

Ruim een jaar eerder, in juli 1909, gaat kapitein Wierardus Cornelis Dijkstra, samen met vijf bemanningsleden, in Delfzijl aan boord van de Jantina Agatha, een stalen gaffelschoener van rederij J.J. Onnes uit Groningen. Met een jongetje aan haar rokken en een pasgeboren dochtertje in haar armen neemt Hanna afscheid van haar man. In zijn brief stipt Dijkstra de toestand aan waarin hij haar achterliet: "Ge begrijpt wel dat ik erg verlangend ben daar ge ook nog niet wel was toen ik de laatste maal vertrok."

Arctisch Canada

Bestemming van de Jantina Agatha was het Schotse Dundee, waar het schip geladen zou worden met goederen bestemd voor nederzettingen aan de Cumberland Golf in Arctisch Canada. In Dundee schepen nog twee mannen in. De Duitse professor Bernhard Hantzsch, die onderzoek gaat doen op Baffin Eiland en zendeling E.W. Greenschields, die na verlof teruggaat naar zijn koude zendingspost bij de Eskimo's. De bemanning krijgt ook de opdracht 'tot opsporing van den vermisten walvischvaarder Snowdrop'. Cornelis Dijkstra had zo'n reis naar de poolcirkel al eerder gemaakt en de verwachting is dat de schoener, met een retourvracht van pelzen en traan, binnen twee maanden weer in de Schotse haven zal aanmeren.

Duizend en drie kusjes

Maar naarmate de maanden verstrijken en er niets vernomen wordt van de Jantina Agatha, moet Hanna het ergste gaan vrezen. De rederij stopt de toelage en het enige dat rest is een jaarlijkse toelage van het Zeemanscollege. Om haar kleintjes te kunnen voeden, moet ze met de hondenkar langs de deuren om vis uit te venten. Een zwaar bestaan en de brief van haar man komt dan ook als een geschenk uit de hemel. De Jantina Agatha blijkt te zijn vergaan, maar de bemanning leeft en heeft overwinterd in het krappe houten onderkomen van zendeling Greenschields, te midden van de Inuit, en zal met de eerste mogelijkheid naar huis komen. "Duizend en drie kusjes voor u drieën. Nu maar moet gehouden tot mijn aankomst."

De bemanning van de Jantina Agatha, zittend kapitein Dijkstra. - Foto: archief C.W. Prummel
De bemanning van de Jantina Agatha, zittend kapitein Dijkstra. - Foto: archief C.W. Prummel

Berenvlees

De bemanning komt terug op Groningse bodem. Ze zijn uitgemergeld, vervuild en bijna gestorven door het eten van bacterierijk berenvlees. Ook hebben ze geleden onder temperaturen van 53 graden onder nul. Maar ergste vijanden waren de verveling in de lange donkere poolwinter en de angst dat er nooit naar hen gezocht zou worden.
Al snel na zijn barre avontuur vaart Cornelis Dijkstra al weer uit: er moet immers brood op de plank. Dat hij een echte familieman was, blijkt uit al de kaartjes met liefdevolle teksten die hij stuurde uit elke haven die hij aandeed.
In 1922 overlijdt Cornelis, nog maar 53 jaar oud, als gevolg van de ontberingen die hij heeft geleden op Baffin Eiland en nooit helemaal te boven is gekomen. Weer staat Hanna er alleen voor. Samen met haar zoon Jan begint ze een kruidenierswinkeltje in de nieuwe wijk Parkwijk, aan de Burgemeester Reijndersstraat in Stadskanaal. Ze is nooit hertrouwd en heeft haar man 31 jaar overleefd.  

Nageslacht

Kees Prummel (1942) uit Stadskanaal is de kleinzoon van Hanna Brongers en kapitein Dijkstra. Op tafel liggen allerlei zaken uitgestald. De originele scheepsboei van de Jantina Agatha, uit been gesneden beeldjes, oude foto's en heel veel ansichtkaarten uit alle windstreken. De ontroerende handgeschreven brief is gelamineerd om hem voor het nageslacht te kunnen bewaren. De familie overweegt om alles onder te brengen in een museum, zodat het verhaal over grootvader bewaard blijft.  

Het Streekhistorisch Centrum in Stadskanaal heeft in 2011 een tentoonstelling gewijd aan de legendarische overwintering op Baffin Eiland. Tijdens research voor deze expositie bleek dat lichtmatroos J. Vogelzang een dagboekje bijgehouden moet hebben. Mocht dat nog ergens zijn, dan zou het SHC graag in contact komen met de eigenaar.