75 jaar vrijheid

1940 tot 1945

NSB'er Jacob Maarsingh en de NSB-familie Huijgen

Jacob Maarsingh en zijn vrouw Catharina woonden in de villa Huize ter Marse in Stadskanaal, waar nu het Streekhistorisch Centrum is gevestigd. In de jaren dertig werden ze lid van de NSB. In 1937 kwam Jacob voor deze partij in de Eerste Kamer: hij vertegenwoordigde er ontevreden Groningse en Drentse kleine boeren, die te lijden hadden onder de economische depressie. 

In 1940 werd hij door Anton Mussert benoemd tot gemachtigde voor de Noordelijke provincies. 

Karel Huijgen was als zoontje van een hoge NSB’er, die na Dolle Dinsdag met zijn gezin naar Stadskanaal was gevlucht, maanden te gast in Huize Ter Marse, bij het echtpaar Maarsingh. Tijdens de bevrijding zat Karel verscholen in de kelder van de dienstwoning van Ter Marse, samen met Ina, het dochtertje van de chauffeur van Maarsingh, ook een NSB-kind. De bevrijding van Nederland betekent voor deze kinderen het begin van veel ellende. En het begin van een levenslange worsteling met het verleden. 

Na de bevrijding in april 1945 werden Maarsingh en zijn vrouw met vele andere NSB-ers opgepakt. Maarsingh werd geïnterneerd tot 17 juli 1948, o.a. in kamp Sellingerbeetse, en verloor zijn kiesrecht. Hij overleed in 1958 in Stadskanaal.

NSB'er Jacob Maarsingh en de NSB-familie Huijgen