75 jaar vrijheid

1940 tot 1945

Het beruchte Scholtenhuis

Het Scholtenhuis werd aan het einde van de 19e eeuw gebouwd door de bekende industrieel Willem Albert Scholten, die zijn naam ook aan het pand gaf. Hij kon niet weten dat het Scholtenhuis zo berucht zou worden, dat niemand er rouwig om is dat het gebouw er niet meer staat.

In de eerste oorlogsjaren hield het korps bezetters in het Scholtenhuis zich bezig met het opsporen van verzetshaarden, het toezien op de uitvoering van de anti-Joodse maatregelen en het opbrengen en verhoren van arrestanten. Dit laatste gebeurde aanvankelijk alleen in het Scholtenhuis. Meestal werden arrestanten rechtstreeks daar naartoe gebracht voor een eerste verhoor - als de arrestatie en de gepleegde feiten nog 'vers' waren. Mede door deze verhoren en de gebruikte methoden is het Scholtenhuis aan zijn epitheton 'berucht' gekomen. Bekende namen van 'beulen' zijn Robert Lehnhoff, Ernst Knorr, Jozef Kindel 

De Groninger SD bleek zeer effectief in het uitvoeren van het Haagse beleid. De kille cijfers spreken boekdelen. Terwijl landelijk gemiddeld 30 procent van de Joden de oorlog overleefde, was dat in de stad Groningen slechts 20 procent. Van de 50 Silbertanne-moorden in Nederland werden er maar liefst 22 in het noorden gepleegd. Ook was het totaal aantal doden als gevolg van Duitse maatregelen in Groningen groter dan in de rest van Nederland. 

Het Scholtenhuis ging bij de bevrijding in vlammen op: de Duitsers staken het pand zelf in brand.

Het beruchte Scholtenhuis

Het verwoeste Scholtenhuis na de bevrijding, door de Duitsers zelf in brand gestoken. - Foto: Noord-Nederlands Persfotobureau Folkers, www.beeldbankgroningen.nl (1785-10684)