Groninger kerken

500-1815

De bedrijvige nonnen van Thesinge

De kerk die nu in Thesinge staat, heeft slechts een fractie van de omvang die ze ooit had. Het kerkje is het koor van de ooit imposante kruiskerk, gebouwd bij het Benedictijner dubbelklooster Germania dat in de 13e eeuw werd gesticht.

De bedrijvige nonnen van Thesinge
Pagina uit het passiegebedenboek van de zusters van Thesinge. - Collectie: Universiteitsmuseum Groningen

Het klooster moet een vrij imposant complex zijn geweest. Een verslag uit 1800 verhaalt dat: ‘Duidelijk zijn de kentekenen van verdediging, door verschansingen aan de noord- en zuidzijde (…) zowel de gedachte aan onderaardse waterleidingen als geheime uitgangen of loopgraven doen veronderstellen dat het oude klooster bestand is geweest, om eenen hevigen aanval te kunnen wederstaan.’ De robuustheid van het klooster wordt in deze tekst toch wel wat overdreven: In de strijd van de Tachtigjarige Oorlog werden de kerk en het klooster grotendeels verwoest. Na de reductie van Groningen kwamen de kloostergronden in het bezit van de stad en werden de resterende gebouwen afgebroken en voor gebouwen in de snel groeiende stad  hergebruikt.

Dubbelklooster: voor mannen én vrouwen

Een dubbelklooster was een klooster dat zowel door mannen als vrouwen werd bewoond. Zij verbleven wel in gescheiden gebouwen, maar vormden een economisch en bestuurlijke eenheid en deelden de kerk. Een dubbelklooster kon zowel door een abt of abdis geleid worden. In de vroege middeleeuwen waren zulke dubbelkloosters nog vrij gebruikelijk. In de latere middeleeuwen raakten dubbelkloosters bij verschillende ordes grotendeels in onbruik. Ook het premonstratenzer Nijeklooster was ooit een dubbelklooster. Bij deze orde werden dubbelkloosters in de 12de eeuw afgeschaft en werden bestaande kloosters gesplitst, op deze manier is ook het klooster in Wittewierum gesticht als een afsplitsing van het oude Nijeklooster. Bij het concilie van Trente (1545 -1563) sprak men zich ook uit tegen dubbelkloosters, die de verdenking van losbandigheid van de clerici zouden aanwakkeren. Men achtte het niet langer gewenst dat mannen en vrouwen in een orde samen zouden leven. Het klooster in Thesinge heeft echter in de praktijk altijd als vrouwenklooster gefungeerd.

De heilige Felicitas met de hoofden van haar zeven zonen.
De heilige Felicitas met de hoofden van haar zeven zonen.

De heilige Felicitas

 Waar de naam Germania klooster vandaan komt is niet duidelijk. Er is namelijk geen heilige bekend met deze naam. Wellicht is Germania een verbastering van de plaatsnaam Gelmerawalda, een verwijzing naar het nabijgelegen Garmerwolde. In 1988 werd er echter een getijdenboek ontdekt waaruit bleek dat de kerk gewijd was aan de heilige Felicitas en haar zeven zonen. Felicitas was een adelijke Romeinse dame. Zij en haar zeven zonen waren bekeerd tot het Christendom. Omdat ze weigerde de heidense godenbeelden te vereren, werd ze door de prefect Publius van keizer Antonius Pius gestraft. Felicitas moest toezien hoe haar zeven zonen een voor een werden onthoofd. Na elke zoon werd haar gevraagd of ze haar geloof wilde afzweren. Toen ze bleef weigeren de heidense goden te vereren, werd ook haar hoofd met een zwaard afgehakt. Ze werd de beschermheilige voor moeders, vruchtbaarheid en zwangere vrouwen. Ook werd ze vaak aangeroepen door vrouwen die graag een zoon wilden.

Boekenproductie

De nonnen van Thesinge hebben een aanzienlijke rol gespeeld in bij het overschrijven van boeken en het verluchtigen van teksten. Ook hielden ze zich  bezig met het afschrijven van manuscripten. Heel wat hoogstaande handschriften zijn bewaard gebleven, waaronder een passiegebedenboek dat zich nu in de Universiteitsbibliotheek van Groningen bevindt. Een van de nonnen die zich in de tweede helft van de zestiende eeuw bezighield met het verluchtigen van handschriften was zuster Stine Dutmers. Stine tekende haar werk met haar initialen S.D. Ook in het nabijgelegen klooster van Selwerd hielden de zusters zich bezig met het afschrijven en kopiëren van teksten. De bekende teksten uit Selwerd stammen uit de periode 1470-1510 en hebben een grote overeenkomst in stijl en vormentaal. In de zestiende eeuw kwam deze productiviteit in Selwerd ten einde, die vanaf 1525 door het klooster in Thesinge lijkt te zijn opgepakt.

De kerk van Thesinge.
De kerk van Thesinge.

Oorlog en plundering

Oorlogsgeweld maakte een einde aan het zusterklooster. Tijdens de gewelddadige Reductie werd het klooster een aantal malen geplunderd, de zusters vluchtten in 1584 naar Groningen. In 1602 werd het restant van het klooster nog maar door een paar nonnen bewoond. Blijkbaar zaten ze in geldnood, want in 1602 werd het klooster berispt omdat er wijwater als geneesmiddel werd verkocht. Ook werd er in de kerk nog steeds een katholieke mis opgedragen, iets dat na de Protestantse reformatie verboden was. De aanwezige altaren werden daarom vernietigd. Kort daarop verlieten de laatste nonnen het klooster.

In 1786 werden het schip en het dwarspand van de kerk afgebroken. De kloostergebouwen waren toen al grotendeels verdwenen.